Minderjarige kan zelf om wijziging gezag vragen

Printvriendelijke versie

Gebruikelijk is dat beide ouders na een echtscheiding gezamenlijk het gezag over hun minderjarige kinderen blijven uitoefenen. In veruit de meeste gevallen daarvan hebben de kinderen vervolgens hun hoofdverblijfplaats bij hun moeder. Het komt echter voor dat een minderjarig kind toch vrijwel de hele tijd bij zijn (of haar) vader verblijft. Dat kind heeft dan de mogelijkheid om bij de rechter gezagswijziging aan te vragen. Of dat succes heeft, hangt af van verschillende factoren.

De wet biedt de ruimte aan een minderjarige om de rechter te vragen een beslissing te nemen dat het gezag over hem aan één ouder toekomt. Een voorbeeld van een situatie waarin dat van toepassing kan zijn, is dat beide ouders gezamenlijk belast zijn met het gezag over de minderjarige en dat bepaald is dat het kind zijn hoofdverblijfplaats bij de moeder heeft, terwijl het kind al geruime tijd bij de vader woont.
Het kind kan de rechtbank schriftelijk laten weten dat hij graag wil dat de vader zeggenschap over hem heeft. De rechtbank zal daarover de mening van zowel vader en moeder als van de eventuele gezinsvoogd willen weten.

De rechter bekijkt hoe de communicatie tussen de ouders onderling en tussen het kind en de ouders plaatsvindt. Als dat beperkt is of bemoeilijkt wordt, dan bestaat een groot risico dat het kind in de verdrukking komt tussen beide ouders. Mogelijk kan een eventuele gezinsvoogd behulpzaam zijn bij het verbeteren van het contact. De voogd kan bij eventuele problemen ook gebruik maken van zijn bevoegdheid een schriftelijke aanwijzing te doen. Is dat niet aan de orde of lukt herstel van de communicatie niet, dan kan de rechter altijd nog een ambtshalve beslissing nemen en het gezag aan een van beide ouders, in dit voorbeeld de vader, toekennen.

Wilt u meer weten over de toekenning van gezag aan kinderen in geval van echtscheiding? Bel ons voor het maken van een afspraak.

Bron: Opmaat Personen- en familierecht, nieuws 2013/428